• Colofon
  • Over
  • Meedoen
  • Contact

vrijdag 4 april 2025

Podium voor de journalistiek

RedPers logo

vrijdag 4 april 2025

podium voor de journalistiek

Wetenschap

‘Breng studenten naar het platteland’: waarom een stedelijke bril voor het platteland lang niet altijd werkt

Het Nederlandse platteland wordt nog te vaak benaderd vanuit de stedelijke context, ook op het gebied van sociaal-ruimtelijke kwesties. Onderzoek en onderwijs aan hogescholen binnen het sociaal-ruimtelijk domein richten zich grotendeels op steden en wijken, en niet op het platteland en haar inwoners. Een gemiste kans, stellen twee onderzoekers van de Hanze en de HAN.

Door Heather van Vliet

5 minuten

Artikel afbeelding

3 april 2025

Ze komen beiden zelf van het platteland: Elles Bulder, lector Leefomgeving in Transitie, en Korrie Melis, senior onderzoeker bij hetzelfde lectoraat aan de Hanze University of Applied Sciences. Na een rondgang langs hogescholen van Friesland tot Zeeland concluderen ze dat daar nog weinig concrete belangstelling is voor sociaal-ruimtelijke kwesties in de regio. De agrarische hogescholen slaan wel acht op het platteland, maar zijn vooral ‘groen-blauw gericht’, op thema’s als landbouw, kwaliteit van de bodem of waterbeheer. 

Stedelijke bril 

Vraagstukken over hoe je je leven ervaart in de context van je leefomgeving, dat is waar ruimtelijk en sociaal elkaar raken, legt Melis uit. “Uiteindelijk gaat het om leefbaarheid. En daarvoor gelden andere principes in plattelands- en stedelijk gebied. Maar eenzijdig, door een stedelijke bril naar het platteland kijken, kan soms tot verkeerde besluiten leiden.”

Zo ontwikkelde het RIVM in een Utrechtse wijk de GO!-methode, waarbij er door middel van data-analyses en wijkgesprekken met inwoners werd gekeken welke maatregelen zouden kunnen worden toegepast om de leefomgeving gezonder te maken. Toen hetzelfde project in landelijk gebied in Noord-Nederland werd uitgevoerd, scoorde ‘de bereikbaarheid van een groentewinkel’ laag. Daar zou je een negatieve conclusie aan kunnen verbinden. Maar wat bleek? Veel dorpsbewoners hadden hun eigen moestuin. Melis: “Zo zie je dus dat er in een Randstedelijke context indicatoren voor leefbaarheid anders geïnterpreteerd moeten worden dan op het platteland.” 

Zelfde problemen, andere context 

Als het gaat om maatschappelijke problematiek zijn er wel degelijk overeenkomsten tussen stedelijk en plattelandsgebied, onderstrepen de onderzoekers, maar de context verschilt vaak. Neem de financiële haalbaarheid van woningverduurzaming. Bulder: “Op het platteland is vaak zo’n 70 procent van de huizen een eigen woning, dat zijn relatief grote huizen ook. Met als gevolg dat mensen die maar net hun huis kunnen betalen, vaak geen financiële middelen hebben om het ook nog te verduurzamen.

In de stad is er veel meer sprake van sociale huur, waarbij bewoners eveneens moeite zouden hebben als ze de verduurzaming van de woning zelf zouden moeten bekostigen. Maar zij worden daar in veel gevallen ontzorgd door de woningcorporatie.” 

‘De laatste decennia is er onevenredig veel geïnvesteerd in de Randstad’

Een ander voorbeeld is huisvestingsproblematiek. Dat speelt in steden, maar evengoed op het platteland, waar jongeren graag willen blijven wonen in het dorp waar ze zijn opgegroeid, maar het aanbod ontbreekt. Daarnaast is de bereikbaarheid door openbaar vervoer op het platteland een probleem. 

Woorden doen ertoe 

De context waarin sociaal-ruimtelijke vraagstukken zich aandienen op het platteland verschilt dus van die van de stad, waardoor ze soms om andere oplossingen vragen. Oplossingen die je niet vindt door altijd door die stedelijke bril te kijken, bepleiten Melis en Bulder. 

Het begint al bij de taal. Bulder: “Toen ik in 2016 lector werd, heette het lectoraat ‘Krimp en Leefomgeving’. Krimp speelde toen grotendeels in de randgebieden van Nederland met veel platteland. Ik heb dat toen bewust veranderd in ‘Leefomgeving in Transitie’, omdat dat een veel minder negatieve benadering is dan alleen vanuit het proces van krimp naar het platteland kijken.” Hetzelfde geldt voor ‘regio’ en ‘periferie’, termen die getuigen van een stedelijke invalshoek, terwijl zo’n 50% van de Nederlanders leeft in gebied dat als regio en periferie wordt beschouwd. 

Golfbeweging 

Bulder: “Als je het vanuit historisch perspectief bekijkt, zie je golfbewegingen. Na de Tweede Wereldoorlog was er een bredere focus op het platteland.” Melis vult aan: “In 1975 bijvoorbeeld besloot de overheid de PTT [staatspostbedrijf, de voorloper van zowel KPN als PostNL, red.] te verhuizen naar Groningen. Dit was vanwege rijksbeleid voor de spreiding van rijksdiensten, gericht op het bevorderen van economische ontwikkeling en werkgelegenheid in minder welvarende regio’s.” Daarna brak er een periode van centralisatie aan, en daarmee toch weer die focus op West-Nederland. Meer mensen raakten economisch gebonden aan de Randstad. Dat heeft gezorgd voor een cluster dat door beleidsmatige keuzes—waar investeer je het meest in—ook een cluster blijft. “De laatste decennia is er onevenredig veel geïnvesteerd in de Randstad, omdat het adagium was dat datgene wat sterk is versterkt moet worden.” 

Toch zien beide onderzoekers nu wel een zekere heroriëntatie plaatsvinden. Vanuit de politiek is er meer aandacht voor het platteland, merken ze. Daarnaast spelen maatschappelijke ontwikkelingen ook een rol. Melis: “Huizen in steden worden te duur en mensen trekken naar kernen buiten de stad.”

‘Zet die student hbo Rechten met zijn poten in de klei’

In 2023 verscheen het rapport Elke Regio Telt, opgesteld door de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli), de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS). Belangrijke conclusie: door de focus op economische kerngebieden ontstaan er aanzienlijke en ongewenste verschillen in brede welvaart tussen regio’s. En dat moet anders. 

In de praktijk 

Volgens Melis en Bulder ligt hierin een belangrijke taak voor het hoger onderwijs. Bulder: “We zien hoe de focus van hbo-studenten en ook opleidingen voornamelijk op de stad ligt. Ergens is dat ook logisch, want al die hogescholen staan in stedelijk gebied. Dan is het makkelijker om studenten te laten onderzoeken en ontwikkelen binnen dat ecosysteem. Maar daarmee wordt aan een groot deel van Nederland voorbijgegaan.” 

Juist hogescholen kunnen een belangrijke rol spelen, omdat daar praktijkgericht onderzoek wordt gedaan en de professional van de toekomst wordt opgeleid. Daarvan kunnen resultaten direct doorwerken in de praktijk, zo stellen ze. 

Bulder: “Het hoger beroepsonderwijs leidt op tot duidelijke beroepsprofielen, waarbij veel professionals uiteindelijk niet blijven werken in de regio. Tijdens hun studie leren ze bij wijze van spreken hoe bepaalde zaken gaan in New York of Amsterdam, maar niet wat er in hun geboortedorp speelt.” 

En dus moeten hogescholen en hun studenten naar die gebieden toe, bepleiten ze. Door leerlabs te creëren buiten de stedelijke context of opdrachten en stages te laten plaatsvinden op het platteland. Melis: “Zet die student hbo Rechten met zijn poten in de klei.”

Eindredactie door Jitze de Vries

Dit artikel werd geschreven door

Heather van Vliet

Redacteur Onderwijs

Heather van Vliet (1999, zij/haar) studeerde Engelse Taal en Cultuur aan de Universiteit Leiden en heeft een fascinatie voor de thema's samenleving en narratief. In haar werk als docent Nederlands in de Randstad ervaart ze dagelijks hoe onderwijs en maatschappij elkaar onmiskenbaar beïnvloeden. Als redacteur bij Red Pers schrijft ze over dat speelveld.

>

Meer van Heather van Vliet

Meer van Red Pers